Text Size

Turkse staatsterreur in Cizre – gezamenlijke strijd nodig tegen burgeroorlog

In de nacht van 7 februari probeerde de officiële staatsmedia TRT twijfel te zaaien over de massamoord in Koerdische steden waar al maandenlang een uitgaansverbod is ingesteld. Het nieuwsbericht stelde dat de veiligheidsdiensten een militaire operatie hielden gericht op een gelijkvloers appartement in Cizre waar enkele ‘terroristen’ zich al 12 dagen verschuild hielden. Er werd ook bericht dat in deze operatie 60 doden vielen. Het geeft aan hoe de oorlog tegen de Koerden een nieuwe fase bereikt heeft.

cizre

Standpunt door Sosyalist Alternatif, het CWI in Turkije

 

President Erdoğan en zijn regering maakten een einde aan het ‘vredesproces’ en begonnen een oorlog waarbij allerhande zware wapens ingezet worden tegen de pogingen van de Koerdische beweging om na de verkiezingen van 7 juni vorig jaar een vorm van ‘zelfheerschappij’ uit te bouwen. De regering riep een uitgaansverbod uit, dat is ondertussen al vijf maanden geleden en in sommige districten zoals Sur en Silopi is het nog steeds van kracht. In Sur, een centraal district in Diyarbakır, is er al twee maanden lang een uitgaansverbod.

Honderden burgers, waaronder vrouwen en kinderen, kwamen om het leven. Honderden gebouwen en huizen werden verwoest of zijn onbewoonbaar. Tienduizenden mensen moesten hun huizen ontvluchten. Dagelijkse openbare diensten zoals onderwijs en gezondheidszorg functioneren niet meer.

Wat gebeurt er in Cizre?

Het district Cizre in Şırnak is compleet verwoest, het doet denken aan de Syrische steden die door oorlog vernield zijn. Op 23 januari, op de 41ste dag van het uitgaansverbod, zocht een groep mensen een veilig onderkomen in een appartement op een gelijkvloerse verdieping. Het ging om 28 gewonden en mensen die hun huizen moesten verlaten omdat deze beschoten werden. De groep werd belegerd. De HDP, Volksdemocratische Partij, vroeg aan het ministerie van binnenlandse zaken om de groep vrij te laten. Het ministerie verklaarde drie van de aanwezigen dood. Maar noch de gewonden, noch de doden werden weg gehaald. HDP-vertegenwoordigers begonnen een hongerstaking om de vrijlating van de mensen te eisen. De lokale regering van Şırnak beweerde dat er ambulances waren gestuurd, maar dat de gewonden niet naar buiten wilden komen. Ondertussen verwierp het Hooggerechtshof het beroep van de HDP dat had ingeroepen dat de wettelijke en veiligheidsrechten van de gewonden geschonden waren en dat er sprake was van marteling.

De woede tegenover het toenemende aantal doden werd groter naarmate de dagen verstreken. Een ploeg van de TTB (doktersvakbond) en SES (vakbond van gezondheidswerkers) mocht Cizre niet binnen, de deelnemers van deze ploeg werden ervan beschuldigd ‘activisten’ te zijn. Pogingen van mensen om de gegijzelde mensen te bereiken, mislukten. Elf mensen die met een witte vlag naar het appartement wilden gaan, werden meteen opgepakt. Ondanks het bestaan van geluidsopnames blijft de regering beweren dat er vanuit het appartement zou geschoten zijn op een ambulance en dat er mogelijk “geen enkele gewonde” zou zijn.

Na het bericht van TRT dat “60 mensen dood aangetroffen werden”, ontkende premier Davutoğlu dit nieuws meteen. Het aantal werd herzien tot 10 en deze informatie werd ook door de lokale gouverneur naar voor gebracht. De TRT verwijderde het nieuws snel van zijn website. Velen denken dat het nieuws wel correct was, maar dat het aantal doden naar beneden werd herzien uit vrees voor een massale golf van verontwaardiging. In 2014 ontstond zeker in de Koerdische gebieden een revolte naar aanleiding van de belegering van Kobane door ISIS en de wijze waarop Erdoğan die belegering aanmoedigde.

De medevoorzitter van de HDP, Selahattin Demirtaş, stelde aan zijn partij: “Gedurende bijna 20 dagen was Cizre het toneel van gewelddaden. Tegen alle verkeerde informatie in moeten we de situatie duidelijk maken: in die straat zijn er 70 tot 90 mensen die zich schuilhouden in enkele gebouwen. Het merendeel van die mensen zijn burgers. Sommigen zijn studenten die er uit solidariteit waren en sommigen zijn inwoners van Cizre. Gedurende 20 dagen waren er aanvallen door de speciale troepenmacht. Er werden tanks en een kanon ingezet en dit gedurende 24 uur per dag. Er is geen ‘conflict’. Die gebouwen worden gewoon aangevallen. Er waren burgers die vanuit de gebouwen telefoneerden: ‘er zijn hier gewonden’, zeiden ze. ‘We willen hier uit’ en nog ‘Ze beginnen te schieten zodra we in de buurt van een raam komen.’”

Demirtaş voegde eraan toe: “Wij menen dat al die mensen vermoord zijn. Zij [de overheid] leggen het niet uit. Die mensen waren in leven, er zijn geluidsopnames van 32 minuten. De aanwezigen waren live op televisie, ze leefden toen nog. En nu is er een massaal bloedbad en kan de overheid het niet uitleggen. Ze proberen het in een doofpot te steken. De militaire operatie in Cizre is voorbij met lijken. Het gaat om een massamoord in vernielde gebouwen waar die mensen vermoord werden.”

Gevaar van burgeroorlog

De moorden zijn voorlopig toegedekt door de regering die snel handelde om een uitbarsting van ongenoegen te vermijden. Maar dit is slechts tijdelijk. De AKP-regering zit steeds dieper vast in een moeras in de Koerdische steden. Regeringsvertegenwoordigers stelden dat de vijf maanden durende operatie een Blitzkrieg moest zijn, een korte maar efficiënte operatie. Maar de operatie was niet zo kort als gehoopt. Het incident in Cizre bevestigt dat het ongenoegen zich opstapelt en tot uitbarsten kan komen.

De werkende bevolking in het westen van Turkije staat onder de invloed van sterke nationalistische propaganda. Dit neemt een gevaarlijke omvang aan. Een groot deel van de samenleving kijkt weg en doet alsof incidenten zoals in Cizre niet gebeuren. Sommigen steunen de staat en hebben een Turkse nationalistische benadering. Op dit ogenblik zijn het enkel socialisten en delen van de linkerzijde die actief ingaan tegen het regeringsbeleid. Zij staan onder grote druk van de overheid. De eenzijdige, manipulatieve en demagogische retoriek blijft domineren in de media en vuurt het nationalisme en de haat verder aan. Het is tegen deze achtergrond dat er ook geweld tegen Koerden in het westen van het land is.

Toch blijven velen hopen dat de regering op een bepaald ogenblik de onderhandelingen met de Koerden opnieuw zal opstarten. Dat is een van de redenen waarom er nog geen etnische burgeroorlog is uitgebarsten. Het is ook een van de redenen waarom er onder de Koerden geen algemene revolte is, zoals ten tijde van Kobane. Het feit dat de HDP en de Koerdische beweging de deur voor onderhandelingen blijven openhouden, zelfs in de meest radicale toespraken en onder het meest brutale geweld door de Turkse overheid, is een andere reden voor het geduld. Maar bloedbaden zoals in Cizre en de aanhoudende militaire operaties zullen de houding in de Koerdische steden drastisch veranderden.

Een interview met de moeder van een neergeschoten slachtoffer in Cizre in de krant Cumhuriyet op 10 februari bevestigt de ontgoocheling en de woede: “Het zijn allemaal gangsters in een vuile oorlog. We riepen om vrede, maar nu wil ik geen vrede meer. Verdienden die mensen in dat appartement om aangevallen te worden met tanks en chemische wapens? En nu zetten ze foto’s van de doden op het internet, gewoon om ons te martelen. Ze martelen het volk. We willen geen vrede meer, hoe meer we om vrede roepen, hoe meer tanks ze op ons afsturen om onze kinderen te vermoorden. Nu is het tijd voor oorlog.”

Het land wordt overschaduwd door donkere wolken, zowel in het oosten als het westen van het land. De wolken worden met de dag groter en dreigen op elkaar te botsen. Maar de enige winnaar op dit ogenblik zou Erdoğan zijn en de economische belangen die hij verdedigt.

De Turkse arbeidersklasse heeft er geen belang bij om de democratische en burgerrechten van de Koerden te ontzeggen. De Turkse werkenden moeten zich verenigen met de Koerdische werkenden en armen tegen de staatsdruk en uitbuiting. Daarvoor is het noodzakelijk dat de Turkse arbeiders de democratische eisen van de Koerden ondersteunen. De Koerden moeten bewust kijken naar de werkenden en armen in het westen van Turkije om te bouwen aan een gezamenlijke strijd tegen het beleid van Erdoğan, zowel de staatsrepressie als het asociale economische beleid. De huidige operaties tegen de Koerden zijn een bedreiging voor alle werkenden en armen. Er is een enorm gevaarlijke situatie en er is veel druk door de complexe situatie, maar er is geen andere uitweg dan een eenheid van de werkenden en uitgebuitenen. De gebeurtenissen in Irak en Syrië omvatten belangrijke lessen en waarschuwingen voor de Turkse werkende klasse. Er is een keuze tussen een gezamenlijke en gelijke strijd tegen het kapitalistische systeem of meer chaos, burgeroorlog en staatsterreur.