Text Size

VS. Na “Don’t ask, don’t tell” gaat de strijd voor holebirechten door

Op 18 december 2010 stemde de Amerikaanse senaat om een einde te maken aan het 17 jaar oude anti-holebibeleid dat bekend stond als “Don’t ask, don’t tell” (DADT). President Obama zette zijn handtekening onder deze wet op 22 december. Het was meteen een van de eerste beloften uit zijn campagne die hij ook effectief nakwam. Hoe moet het nu verder voor de holebibeweging in de VS?

Nick Shillingford, Socialist Alternative (VS)

Deze hervorming kwam er niet op initiatief van het politieke establishment. Het is het resultaat van de georganiseerde druk van onderuit op Obama en het parlement. De wet kwam in het parlement nadat eerder belastingsverlagingen voor de rijksten werden goedgekeurd. Voor Obama was de wet rond de afschaffing van de DADT-politiek een kans om in te gaan tegen de woedende reacties van progressieven.

De nieuwe wet moet nog een wachttijd van 60 dagen doorstaan en dan wordt het eindelijk mogelijk voor homo’s en lesbiennes in het Amerikaanse leger, de grootste werkgever van het land, om openlijk en eerlijk uit te komen voor hun seksuele geaardheid.

Holebi-activisten hebben tal van grootschalige campagnes gevoerd met burgerlijke ongehoorzaamheid, massabijeenkomsten en betogingen. Er was de historische Nationale Gelijkheidsmars van oktober 2009 waarbij 200.000 betogers “volledige gelijkheid” eisten.

Bovendien was er een overweldigende steun voor de intrekking van de DADT-politiek (die onder Clinton werd ingevoerd). Een CNN-peiling uit mei 2010 had het over 75% die de intrekking ervan wilde. De NYTimes stelde: “70% van de ondervraagde militairen denkt dat de intrekking van de politiek een positieve invloed, een gemengde invloed of geen invloed zou hebben op hun eenheid.” (30 november 2010). Zelfs 58% van diegenen die zichzelf als conservatieven bestempelen, was voorstander van de intrekking van het beleid (5 juni 2009).

Het intrekken van deze wet was geen moedige stap van Obama in de richting van gelijkheid, het was de intrekking van een beleid dat niet langer te rechtvaardigen was en een poging om de steun van de progressieven terug te winnen nadat deze steeds meer hun afkeer betuigden tegenover het beleid van de Democraten dat enkel de grote bedrijven dient. De acht republikeinen die meestemden voor de intrekking van de DADT-politiek beseften wellicht evenzeer dat ze geen maatregel in stand konden houden die zelfs door een meerderheid van conservatieven wordt verworpen.

Activisten verwelkomen afschaffing DADT

Het feit dat de Republikeinen in november wonnen bij de verkiezingen, betekent wellicht dat het moeilijker wordt om anti-holebiwetten af te schaffen. Tegelijk is de beweging voor gelijke rechten voor holebi’s nog verder aan het aangroeien en komen nieuwe activisten in de strijd.

Het groeiende zelfvertrouwen van de beweging bleek al toen Robin McGehee, voorzitster van GetEQUAL, een dag na de verkiezingen in november stelde: “We zullen de Democraten en de Republikeinen ter verantwoording roepen als ze zich uitspreken tegen belangrijke progressieve punten.” Ze voegde eraan toe dat ze het had over “gelijkheid voor holebi’s, rechtvaardigheid voor het klimaat en het recht van vrouwen om te kiezen.” Ze stelde ook: “We zullen op straat blijven komen tot alle politieke kasten in DC open gaan.”

De afschaffing van het DADT-beleid wordt door de groeiende protestbeweging als een overwinning gezien. Het moedigt activisten aan om verder campagne te voeren. Nieuwe aanvallen van een bijzonder zelfvertrouwde rechterzijde kunnen daarbij dienen als de “zweep van de contrarevolutie” die nieuwe lagen jongeren aanzet tot het voeren van strijd. Tegelijk zal iedere capitulatie van de Democraten de linkerzijde ook aanzetten om een eigen politieke stem naar voor te brengen, waarbij het idee van massastrijd centraal staat alsook eisen die ingaan tegen de lobbygroepen die de afgelopen jaren dominant waren in de holebibeweging.

 


Debat: moet links de intrekking van “Don’t ask, don’t tell” steunen?

Ty Moore, Socialist Alternative

De groei van de holebibeweging en het afdwingen van belangrijke hervormingen zoals de intrekking van de DADT-politiek leiden tot het heropenen van oude discussies over eisen en strategie. Zo is er Bash Back!, een nationaal netwerk van anarchistische holebi-activisten, dat zich verzet tegen de intrekking van de DADT-politiek en tegen het homohuwelijk omdat “de erkenning door de overheid van onderdrukkende instellingen zoals het huwelijk en het militarisme geen stap vooruit betekent voor de bevrijding, maar eerder naar een heteronormatieve assimilatie.” (Bash Back!, ‘Points of Unity’).

In een artikel dat breed werd verspreid, schreef blogger Tamara K. Nopper dat de intrekking van de DADT-politiek geen goede zaak is. Ze stelde: “Een terechte bekommernis over discriminatie kan” sommigen ertoe aanzetten om de intrekking van dat beleid te eisen, maar het getuigt volgens haar ook van “een gebrek aan kritisch perspectief over het Amerikaanse leger als een van de belangrijkste instrumenten voor het verspreiden en opdringen van het VS-imperialisme, heteroseksualiteit, blanke suprematie, kapitalisme, het patriarchaat en repressie tegen politieke opposanten en volksbewegingen. Teveel liberalen en progressieven, zelfs diegenen die kritisch staan tegen het beleid of het onderdrukken van politiek verzet, nemen een dubbelzinnige houding in tegenover het Amerikaanse leger.”

Het klopt dat een groot deel van de liberale leiding van de holebibeweging een enge reformistische benadering heeft en zich baseert op het foutieve idee dat gelijkheid onder het kapitalisme mogelijk is. Deze reformistische benadering zet verschillende holebileiders ertoe aan om hun pleidooi voor de afschaffing van het DADT-beleid te koppelen aan een steun voor de VS waarbij ze de Amerikaanse vlag gebruiken. Ze hopen wellicht dat dit hen makkelijker toegang zal verlenen tot het politieke en militaire establishment.

Wij delen de kritieken op die reformistische benadering, maar tegelijk vinden we dat de linkerzijde de strijd voor hervormingen en wettelijke gelijkheid onder het kapitalisme moet ondersteunen. In de plaats van holebi-soldaten de rug toe te keren en hen verantwoordelijk te stellen voor het imperialistische karakter van het Amerikaanse leger, staan socialisten solidair aan de kant van de soldaten die zich verzetten tegen homofobe maatregelen, ontslagen van holebi’s of de homofobe cultuur in het algemeen binnen het leger.

De afschaffing van de DADT-politiek in het leger betekent niet het einde van de homofobie in het leger. Dat is niet mogelijk onder het kapitalisme. Wel versterkt dit het zelfvertrouwen van de holebi-activisten om op te komen voor hun rechten en creëert het de ruimte voor een tegencultuur die kan ontwikkelen in het hol van de militaire leeuw.

Dat is een belangrijk gegeven voor al wie zich tegen de oorlog verzet. Het uitbreiden van democratische rechten van soldaten, zoals met de afschaffing van de DADT-politiek, is een belangrijk onderdeel van elke anti-imperialistische strijd. Doorheen de geschiedenis speelden soldatenopstanden steeds een rol in het toebrengen van nederlagen voor belangrijke imperialistische machten.

De Amerikaanse nederlaag in Vietnam was bijvoorbeeld onlosmakelijk verbonden met de radicalisering onder Amerikaanse soldaten, in het bijzonder diegenen die uitkeken naar de burgerrechtenbeweging. In de strijd tegen racisme en tegen de algemene vernederende en verschrikkelijke omstandigheden van het soldatenleven, begonnen de soldaten zich te organiseren en massaal bevelen te weigeren.

Net zoals toen moet de anti-oorlogsbeweging vandaag haar steun verlenen aan iedere strijd voor democratische rechten binnen het leger. We moeten daarbij beseffen dat dergelijke strijd, zelfs als het geleid wordt door politiek verwarde mensen, ruimte creëert voor onafhankelijke standpunten en revolte waarbij het imperialisme wordt ondermijnd. Op beperkte schaal kan ook de intrekking van de DADT-politiek deze rol spelen.

Net zoals bij iedere strijd voor sociale hervormingen en democratische rechten zullen reformistische ‘leiders’ van iedere overwinning gebruik maken om te ‘bewijzen’ dat het systeem werkt en dat het mogelijk is om geleidelijk aan voor iedereen een degelijk leven te verkrijgen onder het kapitalisme. Dat betekent niet dat de linkerzijde strijd voor hervormingen moet verwerpen. Onze taak binnen bewegingen is om aan te tonen dat overwinningen het resultaat zijn van vastberaden strijd en dat deze overwinningen het zelfvertrouwen van de arbeiders en onderdrukten kan versterken om de strijd voort te zetten.

Socialisten baseren zich op het perspectief dat het einde van racisme, seksisme, homofobie, armoede, oorlog, milieuvervuiling,… onmogelijk is onder het kapitalisme. De strijdbewegingen voor hervormingen moeten onderling worden verbonden en vastberaden worden gevoerd om steeds opnieuw de noodzaak van een fundamentele socialistische maatschappijverandering aan te tonen.