Text Size

Interview over de strijd tegen homofobie in Rusland

Meer dan twee jaar nadat Rusland een homofobe wet aannam waarmee “homoseksuele propaganda onder jongeren” werd verboden, spraken we met Igor van onze zusterorganisatie in Moskou over de staat van de LGBT-beweging in Rusland.

rusland

Interview door Stéphane (Luik)

 

Wat is er voor LGBT-mensen in Rusland veranderd na het aannemen van die homofobe wet?

“Je moet eerst en vooral weten dat de Russische regering die wet op zich niet nodig had. Het doel was om homofobe bewegingen en campagnes op te zetten rond de regering om zo bestaande vooroordelen politiek uit te spelen. Sinds het stemmen van de wet in juni 2013 zijn de regels ervan amper toegepast is, zelden is er beroep gedaan op deze wet. Een van de indieners van de wet, Vitaly Milonov die in St Petersburg verkozen is, verklaarde: ‘We hebben iets nodig om de mensen schrik aan te jagen.’ Het is in die zin dat de wet moet gezien worden.

Tentoonstelling in Moskou

Tentoonstelling in Moskou

“Zo wilden we samen met Rainbow Association een fototentoonstelling organiseren over jonge LGBT-mensen in Rusland om daarmee de discussie hierover aan te wakkeren. Maar het bleek onmogelijk om een plaats te vinden waar we die tentoonstelling konden houden. Geen enkele zaaleigenaar was bereid om het risico te nemen. We besloten dan maar om de tentoonstelling in open lucht te houden, in het centrum van Moskou. We slaagden er vier uur lang in om de tentoonstelling te houden vooraleer een ‘orthodoxe activist’ problemen veroorzaakte en de politie erbij haalde. De tentoonstelling zelf verliep rustig met goede reacties van voorbijgangers.

“Ook voor het invoeren van deze wet werden openlijke LGBT-betogingen stelselmatig verboden en onderdrukt. Op dat vlak heeft de wet niet veel veranderd. Het aantal gewelddaden tegen LGBT-mensen nam nog voor de invoering van de wet toe. In 2011-2013 waren er verschillende homofobe bewegingen die mee geleid werden door extreemrechts. De leider van deze groepen werd overigens veroordeeld tot een gevangenisstraf, niet voor homofobie maar wegens racisme.

“Wat er wel veranderd is door de wet, is het feit dat er meer dan voorheen en op grotere schaal over LGBT-rechten wordt gesproken in Rusland. Voorheen werden LGBT-mensen vaak gezien als monsters of toch zeker als rare vogels. Over LGBT-rechten spreken is vandaag mogelijk, zelfs indien het moeilijk blijft.

“De LGBT-gemeenschap heeft zich sinds 2011, het jaar waarin de discussies over de homofobe wet begonnen, meer politiek moeten uitspreken. Dat gebeurde onder meer door deel te nemen aan de grote betogingen van drie jaar geleden (1). Er werden banden gesmeed met mensenrechtengroepen en politieke organisaties. Voor 2011 waren de meeste mensenrechtenorganisaties in Rusland ook niet happig op samenwerking met LGBT-groepen, maar het debat over een homofobe wet dwong hen om standpunt in te nemen. De oppositiebewegingen moesten ook meer interesse tonen in het thema van LGBT-rechten.”

In Moskou en St-Petersburg zijn er organisaties die voor LGBT-rechten opkomen. Maar is dit ook in de rest van het land het geval?

“Voor LGBT-mensen is het makkelijker om in steden te leven dan op het platteland. Zeker in het noorden van de Kaukasus of in de armste regio’s is de situatie erg moeilijk. Dat geldt overigens ook voor vrouwen. In deze regio’s zijn er geen organisaties die openlijk durven op te komen voor LGBT-rechten.”

Welke partijen en organisaties steunen de LGBT-rechten dan wel?

“Op nationaal vlak is dat heel beperkt, misschien dat een oppositiepartij LGBT-rechten verdedigt. Alle partijen in het federale parlement stemden voor de homofobe wet, zelfs indien een aantal verkozenen van die partijen de wet niet steunen.

“Er zijn heel wat organisaties die LGBT-rechten verdedigen. Het gaat om mensenrechtenorganisaties, linkse groepen, vakbonden en zelfs liberale groepen (2). Het is belangrijk voor Rusland. In juli was er een bijeenkomst van vakbonden en LGBT-organisaties rond de kwestie van de strijd tegen discriminatie op het werk. Die bijeenkomst kwam er na campagnes van homofobe groepen tegen leraars die zich voor LGBT-rechten uitspraken of zelf uit de kast waren gekomen. De onderwijsbond sprak zich twee jaar geleden al uit tegen de homofobe wet. Het blijft een van de weinige vakbonden die zich publiek en actief uitspreekt voor LGBT-rechten. Maar zelfs onder de linkse organisaties zijn er meningsverschillen waarbij sommigen niet deelnemen aan de strijd voor LGBT-rechten.”

Kan je uitleggen hoe LGBT-groepen zich organiseren en welke tactieken ze toepassen?

“Er zijn vandaag twee types van tactieken in de strijd voor LGBT-rechten. De eerste stroming is de liberale benadering waarbij het kapitalistische systeem niet in vraag wordt gesteld. Deze tactiek wordt vooral naar voor gebracht door groepen die vanuit het westen betaald worden. Ze hebben geen eigen middelen en richten zich vooral op lobbywerk. Na de grote betogingen van 2012 en de invoering van de homofobe wet moesten ook deze groepen een politieke positie innemen. Maar tegelijk proberen ze dat karakter te verbergen door zich voor te doen als mensenrechtenorganisaties. Daarmee willen ze repressie door de overheid vermijden.

“Met het CWI, de internationale organisatie waartoe ook LSP behoort, pleiten we voor het opzetten van democratische structuren in de Rainbow Association. Nu ontbreekt het aan dergelijke structuren, de alliantie werkt erg informeel en ondoeltreffend. Er zijn ook verschillende NGO’s met een eerder bureaucratische werking die moeten gedemocratiseerd worden zodat een bredere laag van leden iets te zeggen heeft. Deze NGO’s werken erg top-down en ondemocratisch waarbij de vrijwilligers zelf niet deelnemen aan het beslissingsproces. Vaak worden zo’n groepen geleid door figuren met diverse politieke standpunten, maar vooral door linkse liberalen. Hun ondemocratische werking maakt dat er geen bredere betrokkenheid van onderuit mogelijk is en dat ze geen rol spelen in het uitbouwen van een sterke beweging waarmee homofobie kan bestreden worden.

“Doorgaans zijn de verantwoordelijken van deze organisaties het ermee eens dat de strijd voor LGBT-rechten moet verbonden worden met de strijd voor democratische rechten in Rusland. Maar ze gaan voorbij aan de sociale oorzaken en de economische omstandigheden waarin LGBT-mensen in Rusland leven. Er wordt geen globale strategie uitgewerkt om solidariteit en bredere steun van de bevolking te organiseren.

“Een voorbeeld van de ondemocratische benadering van de NGO’s zien we met de Gay Pride in Moskou. De afgelopen tien jaar is daar niets veranderd. De organisator van de Pride heeft nooit geprobeerd om een beweging uit te bouwen, hij is enkel bezig met zijn eigen imago. Hij is een voorstander van Poetin en het Russische chauvinisme. Hij steunt de Russische politiek in Krim en Oekraïene. Tijdens de grote betogingen tegen het regime in 2012 riep hij op om er niet aan deel te nemen. Hij slaagde er wel in om in het westen bekend te raken. Hij vroeg recent de Zwitserse nationaliteit aan omdat zijn man van Zwitserse afkomst is.

“Wat wij samen met enkele andere linkse organisaties naar voor brengen, is de nood aan campagnes rond twee extreme vormen van homofobie: geweld tegen jonge LGBT-mensen en discriminatie op de werkvloer. We richten ons vooral op de verdediging van jonge LGBT-mensen omdat zij het grootste slachtoffer van de huidige situatie zijn. We proberen de campagnes rond jonge LGBT-mensen te verbinden met campagnes voor de rechten van werkenden. In Moskou zijn we bijvoorbeeld actief in de Rainbow Association waarmee we zoals al gezegd een fototentoonstelling hielden over jonge LGBT-mensen. We kregen er een goede respons voor op straat, maar ook in de media. Samen met enkele medestanders publiceerden we twee brochures onder de titel ‘Unite’. De eerste brochure gaat over jonge LGBT-mensen en de tweede over LGBT-mensen op de werkvloer, waarbij de strijd tegen homofobie wordt verbonden met syndicale strijd.”

 
 

Noten

  1. Tussen december 2011 en juni 2012 betoogden tienduizenden mensen in Moskou (en andere steden) tegen de verkiezingsfraude. De voornaamste eisen van de betogingen hadden betrekking op vrije verkiezingen, democratische rechten en politieke vrijheden. Maar ook de economische problemen van gewone mensen hadden een impact op het protest tegen de regering.
  2. In Rusland verwijzen liberale partijen doorgaans naar de liberale rechterzijde. Sommigen kunnen als ‘radicaal’ gezien worden omdat ze tegen de repressie door de overheid ingaan, zelfs indien de autoriteiten ervoor zorgen dat deze partijen zich niet voor de verkiezingen kunnen registreren.